|
Titel:
Verloren zoon
Auteur: J. Bernlef
Titel: “Verloren Zoon”
Auteur: J. Bernlef
Romanthema: Psychologische roman
Uitgeverij: Querido
Plaats van uitgave: Amsterdam
Datum van uitgave: 1997
Druk: Eerste en tweede druk, 1997
Aantal bladzijden: 189
Waarom heb ik dit boek gekozen?
Er is geen speciale rede voor de keuze van
dit boek. Ik heb een lijstje van literaire
schrijvers meegenomen naar de bibliotheek en ik heb
daar een willekeurig boek gepakt van één van die
schrijvers: “Verloren Zoon”, van J.Bernlef.
Samenvatting van het verhaal:
De toneelregisseur Rob Noordhoek zat op een
cruiseschip op de Atlantische oceaan om wat uit te
rusten na een drukke periode als regisseur van een
nieuw toneelstuk. Opeens stak er een storm op. Rob
Noordhoek ging naar buiten om te kijken hoe zwaar de
storm was. Plotseling werd hij door een sterke
rukwind zonder dat iemand op het schip het opmerkte
overboord geblazen.
Na een lange tijd dobberen op een boomstam, spoelde
hij bewusteloos aan op een eiland dat er op het
eerste gezicht onbewoond uitzag. Toen hij zijn
bewustzijn terugkreeg en alles weer een beetje op
een rijtje had, stond hij op en keek rond op het
eiland. Na een tijdje constateerde hij dat het
eiland onbewoond was. Er waren in vroegere tijden
echter wel mensen geweest, want er stonden een
aantal vervallen huisjes, een kerkje en een
aanlegsteiger. Rob Noordhoek besefte dat hij ver van
de bewoonde wereld af zat en dat hij weinig kans had
om gered te worden. Hij zocht een huisje uit om in
te wonen en ging op zoek naar eten. Hij zocht heel
het eiland af en vond slechts enkele blikken soep en
bonen. Hij besefte dat hij hier maar hooguit een
maand mee vooruit kon.
Om zijn leven als een gestructureerd geheel te
blijven zien schreef hij brieven (als een soort
dagboek) aan Suzan Schuurman, een actrice die
vroeger bij hem auditie gedaan had. Hij schreef ze
natuurlijk niet aan haarzelf maar aan een
levensgrote kartonnen reclameafbeelding van haar,
die hij op het eiland gevonden had. In deze brieven
schreef hij over zijn verleden gecombineerd met de
dingen van nu en van zijn toekomst. Rob Noordhoek
vergeleek zijn situatie met Robinson uit het boek:
Robinson Crusoë. Dat deed hij want hij ontmoette ook
een papegaai en die noemde hij net als Robinson,
Vrijdag. Naast Vrijdag ontmoette hij ook een hond
die hij Tim noemde. Een paar dagen nadat zijn
etensvoorraad op was, raakt! e zijn rechterknie
ontstoken en hij voelde zijn dood dichterbij komen.
Toen schreef hij nog gauw zijn laatste brief in de
hoop dat ooit iemand die zou vinden, liep naar het
strand waar hij vervolgens in elkaar zakte en dood
ging.
Titelverklaring:
Het is heel logisch dat de titel van het boek
“Verloren Zoon” is omdat het gaat over een man (Rob
Noordhoek) die in zijn eentje op een verlaten eiland
zit en later ook dood gaat. Rob Noordhoek schrijft
in zijn brieven ook veel over zijn ouders. Vandaar
de titel: “Verloren Zoon”
Het boek bevat geen ondertitel en geen motto.
Personages:
Er is maar één belangrijke personage te beschrijven
omdat het verhaal zich afspeelt rond één man (Rob
Noordhoek)op een verlaten eiland.
Rob Noordhoek:
Uiterlijk: (nog niet op het eiland)
Hij heeft bruin, licht grijzend en vrij lang haar,
grote bruine ogen, een gladgeschoren gezicht, een
normaal postuur en hij was gekleed in een wit
overhemd en een zwarte broek.
Uiterlijk: (op het eiland)
Gekleed in een aan flarden gescheurd wit overhemd e!
n een kapotte zwarte broek. Op het eiland kon hij
zich natuurlijk niet scheren een had dus een behaard
gezicht. Later toen hij gewend was aan het eiland en
het klimaat is hij ook naakt rond gaan lopen.
Innerlijk:
Rob Noordhoek is een rustige man die eerst goed
nadenkt voor hij wat doet. Hij heeft innerlijke
trekjes van een psychiater. Dat merk je aan zijn
uitspraak: “Ik ben eraan gewend geraakt dat mensen
mij al na korte tijd de intiemste details uit hun
leven vertellen zonder dat ik daarom gevraagd heb.
Ik had dus misschien wel beter psychiater kunnen
worden” (zie: blz.5).
Het is een man die veel nadenkt over zijn verleden
en zijn toekomst. Dat merk je aan de inhoud van zijn
brieven die hij schreef tijdens zijn verblijf op het
eiland, want die gingen vooral over zijn jeugd, zijn
ouders, maar ook over zijn leven op het eiland. Hij
is niet snel overstuur of in paniek, want zelfs na
zo’n verschrikkelijke en ingrijpende gebeurtenis had
hij alles nog op een rijtje en bleef hij gewoon
kalm.
Hij heeft ook enorm veel respect voor zijn ouders,
want in zijn brieven schrijft hij heel respect- en
liefdevol over zijn ouders. Hij is niet gelovig.
Perspectief:
De hij- zijverteller, want het verhaal is geschreven
vanuit één enkele hij-personage (Rob Noordhoek) en
het zicht van de lezer blijft beperkt tot wat die
ene persoon denkt, voelt, zich herinnert, droomt,
ziet enz.
Ik dacht eerst aan een auctoriaal perspectief
(alwetende verteller), omdat de verteller bijv. de
geschiedenis van het eiland beschrijft zonder dat de
hij-personage daar iets vanaf weet, maar het is geen
auctoriaal perspectief omdat in dit verhaal geen
vooruitwijzingen voorkomen en de verteller de afloop
van het verhaal niet weet. Het verhaal wordt dus
verteld vanuit het personale perspectief, voorbeeld:
Hij liep het zandpad naar het kanon aan de zuidkant
van het eiland op. Hij moest zich een beter beeld
van het eiland vormen. In de blocnote zou hij een
kaart van het eiland maken, die hem zou helpen bij
een verdere inventarisatie. (zie blz.55)
Ruimte:
Waar speelt het verhaal zich af?
Het verhaal speelt zich in het begin van het verhaal
af op het cruiseschip “The Bournemouth” dat onderweg
was op de Atlantische van Santa Lucia (op de Kaap
Verdische eilanden) naar de Virgin eilanden. Het is
was gebouwd in 1968. Aan de buitenkant zag het schip
er oud uit, maar binnenin het schip was het schip
uitgerust met een spiksplinter nieuw interieur met
allerlei hightech apparatuur. Later in het verhaal,
als Rob Noordhoek overboord is geslagen en
aangespoeld is, speelt het verhaal zich ineens
ergens anders af.
Het speelt zich nu af op een klein, verlaten
eilandje (300 meter breed en 900 meter lang) waar
alleen nog maar resten van een vroegere beschaving
te vinden zijn. Op het eiland staan een tiental
vervallen huisjes en een kerkje waar vroeger
handelaren gewoond moeten hebben. ! Er werd vroeger
op het eiland waarschijnlijk ook in slaven
gehandeld, want Rob Noordhoek vindt op het eiland
oude slavenregisters en er staat ergens achteraf op
het eiland een soort stal met tralies, kettingen en
stoffelijke resten van mensen.
Tijd:
Wanneer speelt het verhaal zich af?
Wanneer het verhaal zich afspeelt wordt niet
duidelijk in jaartallen genoemd. Maar het zal zich
aangezien de moderne elektrische apparaten op het
schip en bijvoorbeeld het moderne taalgebruik van
Rob Noordhoek ongeveer rond 1980 afspelen.
Het verhaal is chronologisch want alle
gebeurtenissen worden verteld in de tijdvolgorde
waarin ze plaatsvinden.
Thema:
Waar gaat het verhaal nu over?
Het thema van dit verhaal is: Eenzaamheid.
Het thema Eenzaamheid is natuurlijk logisch, want
alle onderdelen van eenzaam zijn komen duidelijk
naar voren omdat het verhaal speelt rond één
(eenzame) man op een verlaten eiland die daar
nadenkt over zijn respect voor zijn ouders, over
zijn vroegere leven op de bewoonde wereld en over
zijn ware identiteit.
Motieven:
De motieven die het thema Eenzaamheid gestalte
geven, zijn: ware identiteit, respect en
zelfvertrouwen.
Ware identiteit, omdat aan het einde van het verhaal
de dood en de ware identiteit van de eenzame
hoofdpersoon eindelijk samenvallen.
Respect, omdat hij door te bekijken hoeveel respect
hij wel niet heeft voor zijn ouders, voor zichzelf
en voor andere mensen die hij kent erachter kwam dat
hij eigenlijk helemaal niet eenzaam hoefde te zijn.
Zelfvertrouwen: Als je eenzaam bent is
zelfvertrouwen heel erg belangrijk, want als je geen
vertrouwen meer in jezelf hebt in een tijd van
eenzaamheid dan komt er helemaal niets van je
terecht. Rob Noordhoek bleef in zichzelf vertrouwen
ondanks zijn benarde situatie en zijn eenzaamheid.
Hierdoor bleef hij tot aan zijn dood gefocust op het
in leven blijven op het eiland.
Eigen mening/waardering:
Ik vind het een mooi verhaal. Dat komt door de
prachtige, gedetailleerde omschrijvingen van
omgevingen en voorwerpen. Ook gevoelens, gedachten,
dromen en herinneringen worden heel goed en
duidelijk omschreven. Het verhaal is niet langdradig
of saai, maar juist afwisselend. Ook de
gebeurtenissen op het eiland en de gebeurtenissen
uit het verleden van de hoofdpersoon lopen heel mooi
in elkaar over. Het verhaal had van mij wel wat
spannender en spectaculairder mogen zijn.
Het is een niet al te dik boek (189blz.) en het
leest gemakkelijk.
Kortom ik vind het een goed boek.
Info over de schrijver:
J. Bernlef werd als Hendrik Jan (Henk) Marsman op
14 januari 1937 geboren in Sint-Pancras in de buurt
van Alkmaar. Zijn jeugd bracht hij do! or in
Amsterdam-West, in 1949 verhuisde het gezin Marsman
naar Haarlem. Terug in Amsterdam in 1954 kreeg de
jonge Henk op de HBS Nederlands van de schrijver Rob
Nieuwenhuys die hem en zijn vrienden Gerard Stigter
en Gerard Bron (de latere K. Schippers en Gerard
Brands) in contact bracht met het werk van
schrijvers als Nescio, Elsschot en Carmiggelt. Na
zijn eindexamen in 1955 studeerde hij zes maanden
aan de faculteit voor politieke en sociale
wetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam en
werkte vervolgens bij een boekhandel en een
uitgeverij. Najaar 1956, vlak voor de Hongaarse
opstand, moest hij in dienst. In 1957 verbleef hij
drie maanden in het militair hospitaal Austerlitz.
In deze periode debuteerde hij met het onder zijn
eigen naam geschreven verhaal 'Mijn zusje Olga' dat
later verscheen in het blad 'Hoos'. Naar aanleiding
van die publicatie maakte de recensent Hans van
Straten een vergelijking met de dichter Marsman. Dat
was voor de jonge Henk Marsman reden na ! te gaan
denken over een pseudoniem. Op een boekhandelscursus
had hij n et gehoord over de middeleeuwse Friese
bard Bernlef, van wie geen werk bewaard was
gebleven. Die naam, voorafgegaan door de beginletter
van zijn tweede voornaam, werd zijn pseudoniem.
Na zijn diensttijd trok hij in 1958 naar Zweden,
waar hij in de ban kwam van het weerbarstige
landschap. Tot 1960 pendelde hij tussen Nederland en
Zweden heen en weer. Definitief terug in Amsterdam
werkte hij tot 1965, toen hij besloot van het
schrijven te gaan leven, bij een grote importeur van
boeken. In 1960 trouwde hij met Eva Hoornik met wie
hij twee kinderen kreeg. Zijn vriend Gerard Stigter
trouwde met Eva's tweelingzusje.
Met Stigter en Brands richtte hij het 'tijdschrift
voor teksten' 'Barbarber' op dat tot 1971 bestond.
In 1977 was hij betrokken bij de heroprichting van
'Raster', een blad waarvan hij geruime tijd
redacteur was. Als criticus schreef hij daarnaast
voor uiteenlopende kranten en tijdschriften, zoals
'De Groene Amsterdammer', 'De Gids' en de 'Haagse
Post'.
Een specifieke belangstelling heeft Bernlef altijd
gehad voor de jazz, een onderwerp waar hij dan ook
het nodige over geschreven heeft. Hij vervulde een
bestuursfunctie bij de Stichting Jazz in Nederland. |