HET SPOOKSCHIP
EMIEL VAN
HEMELDONCK
Geschreven door Laurent
Vincent
1) Inhoud:
Don José
Ruiz is een planter uit Latijns Amerika. Om zijn gronden rendabel te
kunnen houden heeft hij besloten om een nieuwe lading slaven aan te
kopen in Florida.
Aangezien het ettelijke
jaren geleden was dat Don José een dergelijke reis ondernomen had, zag
hij zichzelf genoodzaakt om elke dubloen dubbel te tellen, daar hij de
marktwaarde van een slaaf, op enkele onbetrouwbare geruchten na, niet
wist.
Don José kon in de
heenreis op de nodige portie geluk rekenen omdat zijn reisgezellen,
waaronder de planter señor Gomez en ingenieur Sir Johnson, een dag
vroeger dan gepland in de haven, van waaruit ze hun reis zouden verder
zetten, waren aangekomen.
Het drietal besloot om
onmiddellijk de reis voort te zetten en om de gemiste slaap op de boot
in te halen.
En zo geschiedde ook.
“De Amstead” voer onder leiding van kapitein Rodriguez op een rustige
zee richting Florida.
Eens aangekomen ging het
duo planters uit elkaar omdat ze er van uitgingen dat ze het best
individueel de meest voordelige koop zouden kunnen afsluiten. Niets was
echter minder waar.
Aan het eind van de
middag kwamen beide planters tot het besluit dat ze hun krachten moesten
bundelen om een zo goed mogelijke portie slaven in de wacht te kunnen
slepen.
Samen met nog een derde
planter, señor Mendoza genaamd, deden ze dat ook. Wanneer ze met hun
koopwaar terug bij “De Amstead” aankwamen werd het hen duidelijk dat het
schip onvoldoende uitgerust was om zo een grote hoeveelheid slaven te
kunnen vervoeren.
Het schip diende dus
aangepast te worden, maar na een dag hard labeur kon “De Amstead” toch
uitvaren.
Terwijl de planters en
de bemanning van het schip genoten van de blakerende zon zaten in het
ruim de slaven versuft door de hitte. Ondanks deze ondraaglijke warmte
hield één slaaf het hoofd koel. Zijn naam was Cinquez, een Afrikaanse
koningszoon die geboren bleek te zijn om een volk te leiden. Hij slaagde
er in om zijn Afrikaanse lotgenoten ‘warm te maken’ voor een
ontsnappingspoging.
Na een tweetal dagen
slaagden de slaven er in om hun boeien van zich af te werpen en
vervolgens de macht over “De Amstead” te grijpen. Slechts enkele minuten
later was de machtsstrijd gestreden aangezien de bemanning nog half
dronken was van het feestje die ze de dag voorheen hadden gebouwd. Op
Antonio, een bemanninglid van Afrikaans origine die in het arendsnest
verbleef, Don José en señor Gomez na werd de hele bemanning uitgemoord.
Slechts één
bemanningslid kon ontsnappen via het jol dat achteraan bevestigd was aan
het schip.
Omdat de negers totaal
geen idee hadden van de scheepvaart werden Don José en Gomez aangesteld
om het schip richting Afrika te sturen. Zij dachten er echter anders
over en zetten de koers richting vasteland verder, maar al gauw zag
Cinquez dat er iets niet klopte met de stand van de zon. Op deze zet
hadden beide planters niet gerekend en zagen zich daardoor genoodzaakt
om koers te zetten richting noorden. Gelukkig voor hen werd het
langzamerhand bewolkt aan de hemel waardoor Cinquez niet meer
achterdochtig kon worden.
Ondertussen waren de
andere negers aan het plunderen geslagen. Cinquez liet echter niet
zomaar begaan en beval om alle schatten op het dek te verzamelen waarna
ze terug te verdelen onder zijn onderdanen.
Terwijl de kaping
ongestoord verder bleef duren had het ontsnapte bemanningslid het
vasteland kunnen bereiken. Er deden tevens verhalen de ronde van
schippers die handelswaar hadden geruild met een ‘spookschip’, “De
Amstead” genaamd.
Maanden gingen voorbij
terwijl het schip almaar meer ten noorden voer. Op een dag komt “De
Amstead” echter in contact met het schip “Washington”.
De kapitein van deze
boot herinnerde zich de geruchten maar wou ondanks alles weten wat er nu
juist zo geheimzinnig is aan het schip. Hij merkte de scheve situatie al
gauw op en slaagde er in om de macht te herstellen. Cinquez en zijn
voornaamste handlangers werden gearresteerd en ter dood veroordeeld. De
rest van de slaven werden terug aan de planters toegewezen.
Cinquez was voor het
noorden van Amerika een soort van patriot terwijl hij in het zuiden
uitgespuwd werd.
2) De
hoofdpersonages + evolutie in het boek:
De beide planters, Don
José Ruiz en señor Gomez hebben in het begin van het verhaal een heel
beleefde en formele relatie, maar naarmate het verhaal vordert en beide
in hetzelfde schuitje verzeild raken ontstaat er een veel hechtere band.
Dit komt tot uiting in het feit dat Don José ziek wordt en dat Gomez hem
verzorgd, maar omgekeerd is ook het geval wanneer Gomez gewond raakt.
Cinquez, de Afrikaanse
koningszoon met zijn gekrenkte trots, heeft er alles voor over om zijn
vrijheid terug te winnen. Aanvankelijk is hij moordzuchtig, maar hij
komt tot rede wanneer hij beseft dat hij en zijn volk verloren zijn
zonder stuurlui.
Hij is rechtvaardig
tegenover al zijn onderdanen wat gekenmerkt wordt bij de verdeling van
de schatten, voedsel, enz.
3) Het thema + 2
fragmenten:
Bij het lezen van de
titel dacht ik bij mezelf: “Dit boek is een griezelverhaal waar de
auteur zijn fantasie eens grondig heeft geuit.”
Enkele bladzijden verder
kwam ik echter tot de conclusie dat dit boek handelt over de
slavenhandel in Amerika. Het schip in kwestie wordt echter gekaapt door
de negerslaven die door enkele grootgrondbezitters waren aangekocht om
hun gronden te bewerken.
Aangezien de
vrijgevochten slaven geen kaas gegeten hadden van de zeevaart spookten
zij enkele maanden rond ten oosten van de Noord-Amerikaanse kusten.
Fragment 1:
“Inderdaad, daar kwamen
ze aandragen met alles wat ze de eerste dagen in het ruim en de kajuit
hadden geroofd: kleren, vaatjes, kisten, de harp. Een kwam aandragen met
een groot boek. Een ander droeg een mooi kastje, waarvan de vergulde
sloten blonken. Alles werd op het dek gestapeld onder het waakzame oog
van Cinquez.
Zodra alles verzameld
was, maakte de hoofdman groepjes: wat kleren, sokken, een hoofddeksel,
een lederen gordel, een slaapmuts, boeken, een pop, een kapstok, en al
wat aan rommel op een schip kan zijn. De negers werden op een rij gezet
en nu kwamen zij ieder op zijn beurt voorbij de schatten en kozen wat
hun beviel. De mannen grepen naar een wapen, een fles. De vrouwen gapten
de laatste kledingstukken mee. Kinderen kregen een kleurige doek. Twee-,
drie keer kwamen ze opnieuw aan de beurt, tot alles verdeeld was.
Blijkbaar dachten ze dat
het nog niet alles was, want ze bleven wachtend staan met hun schatten
in hun armen. Er was nog de stapel met levensmiddelen en drank. Gulzige
ogen keken ernaar en ieder had in gedachten zijn deel al uitgekozen.
Maar dat viel niet mee. Op nieuw sprak Cinquez zijn volkje toe. Iedereen
luisterde aandachtig”
Fragment2:
“Ja, een spookschip, dat
was het. Het nieuws over een schip, dat alles en iedereen meed en op de
zeeën zwierf, werd overal verspreid. Hier en daar had iemand het gezien
en het daarna weer uit het oog verloren. Ook het wonderbaarlijke verhaal
van de Spanjaard die op een morgen, bewusteloos in een jol, op de kust
van Mexico kwam aangedreven, werd druk besproken. Vissers van Tampico
hadden de jol zien drijven en dachten dat het een boot was die op drift
was geraakt. Maar hoe verbaasd waren ze als ze daarin een man ontdekten
die helemaal uitgeput was, zodat hij geen enkel woord kon zeggen. Een
glaasje rhum had zijn ademhaling wat sneller doen gaan, en toen hij ten
slotte in een vissershut op een rustbed lag, kon hij wat voedsel nemen.
Maar het duurde drie dagen vooraleer hij kracht genoeg had om het
wonderbare verhaal van zijn ontsnapping te doen. Dat verhaal werd verder
verteld. Niet alleen in de havens, maar het werd ook in het binnenland
bekend. Zo vernamen de families van de planters het. Er was natuurlijk
grote onrust omtrent het leven van de blanke passagiers. Wel was er
alleen zekerheid over de dood van de kapitein, maar terecht vreesde
iedereen het ergste voor de overige leden van de bemanning.”
4) Mening:
Het boek leest heel
vlot, maar in tegenstelling met wat men achteraan op de omslag beweert
vind ik dit verhaal weinig of niet spannend. Soms verbaast het me dat de
auteur een verhaal heeft kunnen schrijven van ongeveer 100 bladzijden
waar haast niets in te beleven valt. Wel moet ik toegeven, dat ik hier
het jeugdboek subjectief benader omdat ik kritiek lever vanuit het
standpunt van een volwassene, maar toch wens ik hier nog aan toe te
voegen dat “Het spookschip” naar mijn mening niet geschikt is voor de
doelgroep van 12 tot 15-jarigen, een iets jongere doelgroep lijkt me
meer geschikt.
5) Kan je met het
boek iets aanvangen in de klas?
Het boek geeft een
mooie illustratie van de slavenhandel in de achttiende eeuw. Ook krijgen
de leerlingen een beeld over de eigenlijke handel van de slaven in
Amerika. Hiermee bedoel ik dan de markten waar ze op verkocht werden,
waarvoor ze gebruikt werden, vanwaar ze afkomstig zijn…
Ook wordt er een beeld gevormd van de
moederstaten voor deze kolonies. Dit valt gemakkelijk af te leiden uit
de namen van de verschillende personages.
Voor de les Nederlands
is dit werk eveneens geschikt omdat je de lijn doortrekken kan. Je kan
namelijk vertellen welke kolonies Nederland en België hadden, waarom zij
deze landen gekoloniseerd hebben, hoe zij omgingen met de lokale
bevolking en wat tot op heden de gevolgen zijn betreffende het
taalgebruik.
|