Start
Omhoog

         Les 12         

Opvoeding en onderwijs: ja hoor! Toen ook al…

Van oudsher erkent een Romeinse vader zijn kind door de pasgeborene van de vloer te tillen waarop de vroedvrouw hem gelegd heeft. Is het gezin welstellend, dan krijgt de moeder de hulp van een voedster bij de opvoeding van haar kinderen.

Als de kinderen zeven zijn:

-         dan neemt de vader de jongens onder zijn vleugels.

-         Dan leren de meisjes van de mama de kunst om een goede moeder en huisvrouw te zijn. O.a. koken, weven, spinnen, …

Arme kinderen moeten zo snel mogelijk gaan werken: ofwel op het land ofwel in een werkplaats.

 

De kinderen van eenvoudige burgers, armen en slaven gaan helemaal niet naar school.

Dus alleen de welstellende Romeinen kunnen hun kinderen onderwijs verschaffen.

 

Vanaf hun zeven jaar bezoeken deze kinderen een privι-basisschool, vijf dagen per week, van ’s morgens tot de middag.

Daar leert een vrijgelaten slaaf de kinderen lezen, schrijven en rekenen.

Ze schreven met een stylus op een met was bestreken wastafeltje. Was het tafeltje vol,, dan strijkt men het oppervlak terug glad met een spatel.

 
 

 

 

 

 


Op hun twaalfde leert een grammaticus de jongens Grieks. Ook muziek, mythologie en aardrijkskunde zitten in de lessen.

 

Op vijftien jarige leeftijd  zit die opleiding erop. Zonen van senatoren en andere rijke families studeren verder aan de school voor retoriek. Men kan dan een senator, ambtenaar of officier worden.

 

 



Vul deze fiche in door de woorden te kiezen uit deze kader:

 

 

Senator, vijftien jaar, school voor retoriek,  rijke, Grieks, schrijven, aardrijkskunde,

 

 privι-basisschool, ’s middags, de grammaticus, twaalf jaar, stylus, vijf.

 

 

 

Onderwijs is alleen voor de ………………. Romeinen.

 

v     ……………………: de kinderen gaan naar ………………………………………

 

-         ……….. dagen per week, van ’s morgens tot ………………………..

 

-         Men leert er rekenen, …………………….. en lezen.

 

Om te schrijven gebruikt men een wastafeltje met een ………………………. .

 

v     ……………………: de kinderen gaan naar ……………………………………….

 

-         Men leert er de taal ………………………. .

 

-         Maar ook muziek, mythologie en ……………………………….

 

!!! deze opleiding duurt tot men ………………………………….. wordt.

 

v     De rijkste kinderen gaan dan nog naar de ………………………………………………

 

Hier kan men ………………………, officier, … worden.

 

 

Interessant om weten!

 De rijkere kinderen moeten enkel naar school, voor de rest is het ιιn grote speeltijd!

Hoepels, glazen knikkers, ballen van dierenhuid, bordspelen, poppen, houten paarden en triomfwagentjes…

 

Kennen we nog vele spelen tot op de dag van vandaag?

 

…………………………………………………………………………………………………

 

…………………………………………………………………………………………………

 

Bestaat er nog een groot verschil tussen rijk en arm vandaag op het gebied van onderwijs?

 

…………………………………………………………………………………………………

 

…………………………………………………………………………………………………

 

 

 

 

 

Vragen of opmerkingen: redactie@kinderenwebhotel.be
Copyright © 2004 Kinderen (Deze gegevens mogen enkel en alleen gebruikt worden voor schooldoeleinden en op niet-commerciλle basis, en niet als informatie voor websites. Enkel links zijn toegelaten. )
De redactie kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor eventuele fouten, of op ingezonden werken.