Start
Omhoog

  Vraagstukken

1. Een handelaar verkoopt kippen en konijnen. Jan telt 21 koppen en 68 poten.

In die winkel worden............... kippen en .................. konijnen te koop aangeboden.

 

2. Als ik een getal verdubbel en daarvan 60 aftrek, vind ik 52. Dat getal was 

................

 

3. Ik verdubbelde een getal en telde er dan nog 15 bij. Zo bekwam ik 135. 

Dat getal was ................. 

 

4. Op de boerderij lopen schapen en eenden, samen 30 dieren. Mia telt 92 poten.

Deze boer bezit ........................ schapen en .......................... eenden.

 

5. De som van 120 en 70 is ........................ eenheden groter dan het product van 6 en 30.

 

6.  Een vrachtwagen vervoert een lading vleeswaren van 7200 kg. De tarra is 

5%. Het nettogewicht is ....................... . 

 

7. Op de toets vraagstukken behaalden de leerlingen van een klas samen 297 punten. Bereken het aantal leerlingen, als je weet dat het klasgemiddelde 13,5 was

 

8. Met een gemiddelde snelheid van 40 km/u heb ik 3 uur nodig om mijn reisdoel te bereiken.  Hoeveel tijd is er nodig als ik de gemiddelde snelheid opvoer tot 60 km/u?

Antwoord: ..................u.

 

 

 

Vragen of opmerkingen: redactie@kinderenwebhotel.be   
Copyright © 2004 Kinderen (Deze gegevens mogen enkel en alleen gebruikt worden voor schooldoeleinden en op niet-commerciŽle basis, en niet als informatie voor websites. Enkel links zijn toegelaten. )
De redactie kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor eventuele fouten, of op ingezonden werken.