Vasten

EEN CHRISTELIJKE
VASTENBELEVING
Naar het voorbeeld van Jezus (Mt. 4,2) leggen we ons in de
Vastenperiode gedurende veertig dagen toe op ... ja, op wat eigenlijk? Doorgaans spreken wij over de
veertigdagentijd als een tijd van vasten. We letten dan een beetje op wat we eten en drinken en
hoeveel. Maar waarom doen we dit? Om enkele kilootjes lichter te wegen? Nee, dat kan de
bedoeling toch niet zijn.
Hieronder vind je een beetje
toelichting die een hulp kan zijn bij een zinvolle vastenbeleving. Met
vasten, aalmoezen en gebed... De evangelist Matteüs vertelt ons het meest over
een zinvolle vastenbeleving. Zullen we even bij hem te rade gaan?
In het hartje van de
bergrede (de hoofdstukken 5,6 en 7 van het Matteüs-evangelie) geeft hij ons drie
kapstokken waaraan we onze vastenbeleving kunnen ophangen: aalmoezen (Mt.
6,1-4), gebed (Mt.
6,5-15) en vasten (Mt. 6,16-18).
Aalmoezen herstellen de
onrechtvaardige verhoudingen met sommigen van onze naasten. Armen en minderbedeelden verdienen
niet alleen onze aandacht, maar ook een stukje van onze (westerse) overvloed. Durven we onszelf
een beetje pijn doen om een ander, die vaak zelfs het allernoodzakelijkste
moet missen, gelukkiger te maken? In de Vlaamse kerk is Broederlijk
Delen de
concrete vertaling van Jezus' aansporing aalmoezen te geven. Maar Hij raadt
ons aan hierbij de
nodige bescheidenheid aan de dag te leggen: "Laat uw linkerhand niet
weten wat uw rechter doet" (Mt. 6,3). Gebed
herstelt onze relatie met God. Zoals dat het geval kan zijn in elke relatie
kan ook onze omgang met
God aan kwaliteit en intensiteit inboeten. De veertigdagentijd is daarom de geschikte
periode
om het contact met God te herstellen. Niet voor het oog van de mensen, zegt
Jezus, maar in
het verborgene. En maak je ook geen zorgen om de woorden die je moet
gebruiken. De kwaliteit
en het succes van ons gebed ligt niet in de mooie omhaal van woorden, maar in
de eenvoud en
eerlijkheid waarmee we ons hart openstellen voor God. Het is hier dat Jezus
ons het Onze
Vader aanreikt als voorbeeld van gebed.
Vasten herstelt de relatie
met onszelf. Door onszelf iets te ontzeggen ondervinden we aan den lijve hoe moeilijk het soms kan zijn
iets van onszelf gedaan te krijgen. Het helpt ons weer met beide op
de grond te staan. Goede voornemens leven vaak enkel in ons hoofd. Vasten
maakt duidelijk dat
overgaan tot concrete daden niet kan zonder een re‰le inspanning of moeite.
En zo brengt vasten soms
onze eigen onmacht en onvermogen aan de oppervlakte.
Tips voor
je vasten:
- ga na waaraan je je geld
uitgeeft en vraag je af of je hiervan niet eens iets kan spenderen aan Broederlijk Delen.
- duw af en toe eens wat
minder door je keelgat en ervaar aan den lijve hoe gehecht je bent aan je luxueuze levenswijze.
- neem eens deel aan
vastenactiviteiten in je omgeving (een hongerweekend, een maaltijdloze dag eens
per week of op Goede Vrijdag) of stel zelf een actieschema op.
Goedmaken
wat fout is .....
Op de derde zondag van de
veertigdagentijd zullen we in het openingsgebed volgende zin horen voorbidden: "God, alle
goedheid en barmhartigheid begint bij U, en om te herstellen wat de zonde heeft verstoord, hebt Gij ons
geleerd te vasten en te bidden en met anderen ons bezit te delen."
Veertigdagentijd is dus de
periode waarin wij ons bezinnen over wat er in onze persoonlijke christelijke
levenswijze fout gelopen is. Waar het vuur van het begin stilaan is uitgedoofd
en wij lauwe
mensen geworden zijn. Een tijd om datgene wat gaandeweg scheefgezakt is weer
recht te trekken.
Je kan de veertigdagentijd
dus beleven als een tijd van innerlijk zuivering en reiniging. Om het stof van ziel en hart eens goed weg
te blazen. Veertigdagentijd is in vele gezinnen nog steeds het moment
om grote schoonmaak te houden in huis. Het is ook de geschikte tijd om grote schoonmaak te houden binnenin
onszelf! Via de profeet Ezechiël zegt God tot ons: "Ik zal zuiver water op u sprenkelen en gij
zult rein worden van al uw ongerechtigheden; een nieuwe geest zal ik U schenken!" (Ez.
36,23-26).
Tip voor jouw
schoonmaakprogramma: maak van de veertigdagentijd misschien gebruik om eens
diep in jezelf te kijken en in een biechtgesprek met een priester God om
vergeving vragen over
wat allemaal is fout gelopen.
Meer trouw
en toeleg .....
In de veertigdagentijd horen we
in de prefatie (dat is het begin van het grote dankgebed) het volgende
zeggen: "Dit is een tijd van meer toeleg op het bidden, van grotere
aandacht voor de liefde
tot de naaste, een tijd van grotere trouw aan de sacramenten waarin zij zijn
geboren. Zo groeien wij
tot de volheid der genade, die Gij uw kinderen hebt toegezegd."
Soms horen we het wel eens
op het sportnieuws of lezen we het in de krant: beloftevolle sportlui en toekomstige kampioene gaan
van tijd tot tijd eens "op afzondering". Dan bedoelt men dat deze sporters zich voor een tijdje
terugtrekken om zich met grotere toeleg toe te spitsen op een intensieve
trainingscampagne. Niets mag hen afleiden, niemand mag hen storen.
Waarom de veertigdagentijd
niet aanzien als een periode van intensieve training? Een hernieuwde aandacht voor het gebed voor
zover dit langzaam aan verwaarloosd werd.... Een verscherpte aandacht
voor Jezus' levensregels.... Meer rekening houden met de mensen rondom mij en minder
met
mezelf bezig zijn....
We hoeven geen kampioenen te
worden. Maar van tijd tot tijd een tandje bijzetten zal zeker geen kwaad doen! Of om het met een
van de brieven van het Nieuwe Testament te zeggen: "Laat ons vastberaden de wedstrijd lopen
waarvoor we hebben ingeschreven." (Hebr. 12,1).
Tips voor
jouw trainingsprogramma:
- breng jezelf er toe
dagelijks wat tijd vrij te maken voor een gesprek met God
- hernieuw je trouw aan de
wekelijkse zondagsviering. Er is wel een parochie in je buurt die op geregelde tijdstippen een
gezins- of jeugdviering op touw zet. Neus eens in het parochieblad!
- hou de vinger niet op de
knip van je portemonnee en ontdek de vreugde van het geven.
|