Start
Omhoog

   De zon

Vakantie, verjaardag, schoolreis,

als de zon schijnt, kan onze dag niet meer stuk.

Leuke mensen zijn het zonnetje in huis.

De zon zorgt voor een goed humeur.

Kortom, als je denkt aan zon, dan denk je aan leuke dingen.

En dat is geen toeval!

De zon is voor ons immers van levensbelang.

Ze zorgt voor licht en warmte, elke dag opnieuw.

 

 

 

De zon is een gasbol, ze bestaat dus uit gas, alleen de kern is hard.

De zon is een middelgrote ster, net zoals de. De afstand naar de zon is 150 miljoen kilometer. Met een auto zou je er meer dan 200 jaar over doen om naar de zon te komen. Dank zij de warmte en het licht van de zon is er leven op aarde mogelijk.

De temperatuur van het oppervlak van de zon bedraagt 5500įC, maar binnen in de zon is het veel warmer! In de kern van de zon loopt de temperatuur op tot 15 miljoen įC ! Nu begrijp je natuurlijk dat we nooit op de zon kunnen landen.

 

Aan de rand van de zon kun je met speciale toestellen grote vlammen zien die uit de zon lijken te komen. Het zijn protuberansen, enorme slierten heet gas die door de zon worden uitgebraakt.

 

 

1 lichtjaar = de afstand die het licht aflegt in 1 jaar.

De afstand van de zon tot aan de aarde is 8 lichtminuten.

 

Zomaar naar de zon kijken zonder je ogen te beschermen is levensgevaarlijk. Je kan er blind van worden! Met een gewoon vergrootglas kan je al papier in brand steken. Enkel met speciale zonnetelescopen kan je veilig naar de zon kijken. Dat kan bijvoorbeeld op volkssterrenwacht MIRA in Grimbergen.

 

Afstand zon-aarde: 150 miljoen kilometer

 

De zon blijft niet eeuwig schijnen. Binnen ongeveer 5 miljard jaar raakt de brandstof opgebruikt. De zon wordt dan langzaam groter en zal de aarde uiteindelijk verschroeien. 

Zonsverduistering:

Je weet natuurlijk dat de maan veel kleiner is dan de zon. Maar de maan staat veel dichter bij de aarde. Van op aarde lijkt het alsof de zon en de maan even groot zijn. En het kan dus gebeuren dat de maan haarfijn voor de zon schuift.

Dat is indrukwekkend. Het zonlicht wordt geleidelijk opgegeten door de maan. Als het laatste zonnesikkeltje is weggesmolten, wordt het plots erg fris en donker. De sterren fonkelen aan de hemel, de dieren denken plots dat het nacht is geworden. Na enkele minuten is de totale verduistering voorbij en komt de zon terug vanachter de maanschijf te voorschijn.

Wanneer?     

* 31 mei 2001 bij zonsopgang (gedeeltelijk, 88%)

* 3 oktober 2005 tegen de middag (gedeeltelijk, 62 %)

* 29 maart 2006 op de middag (gedeeltelijk, 35%)

* 1 augustus 2008 tegen de middag ( gedeeltelijk, 21 %)

* 4 januari 2011 sīmorgens (gedeeltelijk, 76%)

* 20 maart 2015 sīmorgens (gedeeltelijk, 82%)

 


Wat is een zonsverduistering ?

Bij een zonsverduistering bevindt de maan zich tussen de zon en de aarde. Vanaf een aantal plaatsen op aarde is de zonneschijf dan geheel of gedeeltelijk door de maan bedekt. De zonsverduistering van 11 augustus 1999 is totaal in een gebied dat loopt van de Atlantische Oceaan over West- en Centraal-Europa en het Midden-Oosten tot in IndiŽ. Dit gebied omvat ook het uiterste zuiden van BelgiŽ. In de rest van BelgiŽ is de zonsverduistering slechts gedeeltelijk.

 


Het mechanisme van een zonsverduistering.

De aarde draait rond de zon, en de maan draait rond de aarde. Daardoor verandert de schijnbare positie van de maan aan de hemel voortdurend. Bij volle maan staat de maan tegenover de zon en zien wij ze volledig verlicht. Bij eerste en laatste kwartier staat de maan op 90 graden van de zon en zien wij ze half verlicht, namelijk die zijde die naar de zon toe gekeerd is. Bij nieuwe maan staat de maan in de richting van de zon, en is de onverlichte kant van de maan naar ons gericht. Ze staat als het ware in tegenlicht, zodat we ze niet kunnen zien. Figuur 1 toont de verschillende maanfazen in bovenaanzicht.

 

figuur 1

 


Als we de volledige aardbaan bekijken (figuur 2), dan zien we dat de richting waarin de maanbaan geheld is ten opzichte van de zon, in de loop van het jaar verandert.
In punt A is het deel van de baan van de maan naar de zon naar boven geheld, zodat bij nieuwe maan de maan boven de zon heen gaat. In 1999 doet zich die situatie voor in november. In punt C is dat deel van de baan van de maan naar beneden geheld, zodat bij nieuwe maan de maan onder de zon door trekt. In 1999 doet zich die situatie voor in mei. In B en D is het echter het deel van de baan van de maan dat een hoek van 90 graden met de richting naar de zon maakt, dat geheld is. De maan kan dan wel exact tussen de zon en de aarde passeren. In 1999 doet zich die situatie voor in februari en augustus.

 

figuur 2

 

Wat er dan gebeurt, is dat de schaduw van de maan de aarde kan raken. Of dat men vanuit de aarde, de maan voor de zon kan zien schuiven. De zon wordt verduisterd, of de aarde komt in de schaduw van de maan, en we krijgen een zonsverduistering.

 


In werkelijkheid bestaat de schaduw van de maan (en van elk object) uit twee delen: de kern- of slagschaduw, en de bij- of halfschaduw (figuur 4).

 

figuur 4

 


In de bijschaduw (figuur 5) is de zon niet volledig door de maan bedekt, maar slechts gedeeltelijk. Een waarnemer in de bijschaduw ziet nog een stuk van de zon, en neemt een gedeeltelijke zonsverduistering waar.

 

figuur 5

 


In de kernschaduw (figuur 6) is de zon volledig door de maan bedekt, en ziet een waarnemer de zon niet meer. Hij maakt dan een totale zonsverduistering mee. Doordat de schaduw van de maan maar net lang genoeg is om de aarde te raken, is ter hoogte van de aarde de diameter van de kernschaduw van de maan heel klein, zodat het gebied van waaruit een totale zonsverduistering zichtbaar is, heel smal is, typisch maar een honderdtal kilometer. De waarnemer van op aarde ziet de maan maar net groot genoeg om de zon volledig te bedekken.

 

figuur 6

 


Maar dit lukt niet altijd. De baan van de maan is lichtjes elliptisch (figuur 7).

 

figuur 7

 

Daardoor staat de maan soms wat verder van de aarde, soms wat dichter. Staat ze wat verder, dan raakt de kernschaduw de aarde niet meer. Een waarnemer op aarde ziet de maan dan kleiner dan de zon, en de maan is niet meer in staat om de zon volledig te bedekken: er blijft nog steeds een ringvormig stuk van de zon omheen de maan zichtbaar, en de waarnemer ziet een ringvormige zonsverduistering (figuur 8).

 

figuur 8

 


 

Vermits het gebied waar een totale zonsverduistering zichtbaar is, heel smal is, is een welbepaalde totale zonsverduistering slechts op een heel beperkt gebied op aarde als een totale zonsverduistering te zien. Ten noorden van het gebied van de totaliteit staat de maan te laag aan de hemel, ten zuiden ervan staat ze te hoog om de zon volledig te bedekken. Men ziet dan een gedeeltelijke zonsverduistering. Hoewel er om de enkele jaren wel een totale zonsverduistering ergens op aarde te zien is, is het voor een welbepaalde plaats op aarde een heel zeldzaam verschijnsel. En in 1999 was BelgiŽ aan de beurt.


 

Hoe frequent komen zonsverduisteringen voor?

Hoewel elk jaar ergens op aarde wel een zonsverduistering voorkomt, zijn totale zonsverduisteringen op een bepaalde plaats zeldzaam. Op het grondgebied van het huidige BelgiŽ was er op 17 april 1912 een extreem randgeval van een totale zonsverduistering. In dat jaar zou de totaliteitsduur 0,25 seconde geweest zijn net bij de Franse grens in het Henegouwse Rance. Dit is niet bevestigd door waarnemingen. Verder in BelgiŽ (richting Namen-Tongeren) was de verduistering van 1912 een korte tijd (0,7s) ringvormig, d.w.z. dat er omheen de maan nog een ringetje zonlicht zichtbaar was en er dus geen totale verduistering plaatsvond. In de rest van BelgiŽ was de verduistering gedeeltelijk (99% in Ukkel).

 

 

 

Vragen of opmerkingen: redactie@kinderenwebhotel.be   
Copyright © 2004 Kinderen (Deze gegevens mogen enkel en alleen gebruikt worden voor schooldoeleinden en op niet-commerciŽle basis, en niet als informatie voor websites. Enkel links zijn toegelaten. )
De redactie kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor eventuele fouten, of op ingezonden werken.