Start
Omhoog

  Egels

 

(foto van Gerrit Tyberghein)

Egels

Egels leven onder meer aan de randen van bossen, in parken en in dichtbegroeide tuinen. Je kunt ze tegenkomen in Nederland en in België, maar ook in een heleboel andere Europese landen en in Midden-Azië. In Nederland zijn egels volledig beschermd. Dat betekent dat je gezonde egels niet mee naar huis mag nemen, dat je egels niet mag doden en dat je hun rust niet mag verstoren.

 

  • Winterslaap
    Egels houden een winterslaap. Ze doen dat in een holletje dat bekleed is met een dikke laag bladeren. De meeste volwassen egels kruipen eind november in hun holletje en de jongen wachten daar meestal mee tot eind december. Tijdens de winterslaap daalt de lichaamstemperatuur van de egels sterk (van 35,5 C naar 5,0 C) en ook de hartslag en de ademhaling lopen flink terug (hartslag: van 180 naar 9 slagen per minuut, ademhaling: van 45 naar 3 keer per minuut). Egels leven tijdens hun winterslaap van de vetreserves die ze in de maanden daarvoor hebben opgebouwd.

  • Insecteneters
    Tijdens de winterslaap verliezen egels bijna 25% van hun lichaamsgewicht. Als de egels eind april uit hun winterslaap ontwaken, gaan ze direct op zoek naar lekkere hapjes om hun lichaamsgewicht zo snel mogelijk weer op peil te krijgen.Egels behoren tot de insecteneters, maar eigenlijk eten ze alles wat ze in de bovenste laag van de aarde en op de grond tegenkomen. Dus behalve insecten eten ze bijvoorbeeld ook slakken, wormen, kikkers, hagedissen, mollen, jonge muizen, vruchten en paddestoelen.Egels die op zoek zijn naar voedsel maken vaak veel lawaai. Als je goed luistert kun je ze horen snuffelen, proesten en smakken. Maar de kans dat je deze geluidjes overdag hoort is klein, want dan slapen de egels. Pas als het donker is, worden ze actief.

 

  • Paartjes
    In mei en juni gaan egels paartjes vormen. Na de bevruchting duurt het nog zo'n 30 tot 40 dagen voordat de jonge egeltjes ter wereld komen. De kleintjes worden geboren in een nest van mos, gras en bladeren, dat zich vaak onder een haag of een struik bevindt. De meeste egelwijfjes krijgen één keer per jaar 3 tot 6 jongen, die ergens tussen eind juli en half oktober geboren worden.

 

  • Blind en doof
    Egeltjes worden blind en doof geboren. Vlak na hun geboorte zijn ze ook nog vrij kaal. Maar als je goed kijkt zie je toch een paar kleine, bleke stekeltjes zitten. Na ongeveer twee weken gaan de oogjes van de jonge egels open. De diertjes lijken dan ook al veel meer op hun ouders, want de kleine, bleke stekeltjes van het begin zijn uitgegroeid tot grote, sterke stekels. Nog eens vier weken later zijn de jonge egels zelfstandig. Ze drinken dan geen melk meer bij hun moeder, maar zoeken zelf hun eten bij elkaar.

 

  • Oprol-truc
    Als egels aangevallen worden door een ander dier, maken ze een bal van zichzelf. Met behulp van een aantal stevige spieren rollen ze zichzelf op en richten ze hun stekels dreigend naar buiten. Meestal helpt deze oprol-truc en druipt de vijand teleurgesteld af. Maar er is één dier dat de egels zo nu en dan te slim af is. Dat is de vos. Als er water in de buurt is, rolt dit slimme dier de egel erin. De egel moet zichzelf dan uitrollen om niet te verdrinken en op dat moment slaat de vos zijn slag.

 

  • Verkeer en gif
    Zoals ik al vertelde zijn egels in ons land goed beschermd. Maar helaas gaan er toch ieder jaar weer heel wat egels dood. De twee meest voorkomende doodsoorzaken zijn: het verkeer en land- en tuinbouwgif. 

 

  • Tips ter bescherming van egels:

1. Gebruik geen insecticiden, slakkengif, muizengif of andere bestrijdingsmiddelen. Egels kunnen door het eten van vergiftigde insecten of andere vergiftigde dieren sterven.

2. Leg geen vijvers met gladde, steile oevers aan zonder daar tenminste één uitkruipmogelijkheid voor egels in aan te brengen. Egels kunnen uitstekend zwemmen, maar ze kunnen niet tegen gladde, steile oevers opklimmen. Een egeltrapje kan ze daarbij helpen. 

3. Bouw geen zitkuilen zonder een zachte, glooiende hoek. Als egels in een zitkuil terecht komen, moeten ze een mogelijkheid hebben om er weer uit te klimmen.

4. Dek putten en kuilen goed af.

5. Maak in afscheidingen tussen tuinen een aantal poortjes van ongeveer 12 x 12 centimeter. Zo kun je voorkomen dat egels op de voor hen zo gevaarlijke weg belanden. (Zie tekening!)

6. Steek nooit zomaar met een greep of een schop in een compost- of bladerenhoop. Kijk eerst goed of er misschien een egel onder zit.

7. Steek nooit hopen takken of bladeren in brand zonder eerst goed te kijken of er een egel onder zit. Dit geldt ook voor ruigtes, houtwallen en paasvuurhopen. Egels vluchten niet, maar rollen zich in en zullen dus levend verbranden.

8. Leg op een droge, beschutte plaats een flinke hoop tuinafval (takken, bladeren, etc.) neer. Het moet een luchtige hoop zijn met voldoende ventilatie. Leg de hoop niet in de zon en dek 'm niet af met plastic of iets dergelijks. Onder de hoop kan een egel een nest bouwen. Een egel bouwt zijn nest ook graag onder een houten schot dat schuin tegen een muur is geplaatst.

  • Wat moet je NIET doen als je een egel vindt?

1. Je moet GEEN bijvoeding geven aan egels die je in de tuin tegenkomt. Egels hebben hun natuurlijke voedsel (vooral insecten) nodig om gezond te blijven. Geef een egel NOOIT melk. Veel egels krijgen van melk hele erge diarree waar ze zelfs aan dood kunnen gaan.

2. Je moet een egel NIET meenemen als je niet duidelijk aan hem kunt zien dat hij ziek of gewond is. Een zieke of gewonde egel rolt zich niet op bij aanraking, loopt moeilijk, valt om, etc.

3. Je moet NOOIT zelf gaan dokteren met een zieke, gewonde of ondervoede egel. In het natuurlijke voedsel van de egels zitten stoffen die de egel gezond houden. Als het dier die stoffen niet meer krijgt, wordt het ziek (of nog zieker). Mensen van een egelasiel kunnen dit voorkomen.

  • Wat kun je WEL doen als je een egel vindt?

1. Je kunt een egel die bij strenge vorst rondloopt een goede slaapplaats bieden. (Zo'n egel kan bijvoorbeeld tijdens zijn winterslaap gestoord zijn door een hond.) Maak een nest van kranten en lappen onder een flinke hoop takken, afgedekt met bladeren. Geef de egel géén voedsel, want hij moet tijdens de winterslaap lege darmen hebben.

2. Als je een zieke of gewonde egel meeneemt, onthoud dan precies de plaats waar je hem hebt opgepakt. (Dit is heel belangrijk omdat egels die niet op dezelfde plaats worden teruggezet een verlaagde kans hebben op overleving.) Leg de egel thuis in een ruime doos op een warme kruik die in lappen is gewikkeld. Leg rond de egel een krans van in elkaar gefrommelde kranten en leg één gefrommelde krant bovenop de egel. Warmte is in eerste instantie meestal belangrijker dan voedsel. 

 
 

Vragen of opmerkingen: redactie@kinderenwebhotel.be   
Copyright © 2004 Kinderen (Deze gegevens mogen enkel en alleen gebruikt worden voor schooldoeleinden en op niet-commerciële basis, en niet als informatie voor websites. Enkel links zijn toegelaten. )
De redactie kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor eventuele fouten, of op ingezonden werken.